Wet uitvoeringsorganen volksgezondheid (WUV)
, tot wijziging van de Ziekenfondswet, de Wet tarieven gezondheidszorg (WTG) en de Wet ziekenhuisvoorzieningen (WZV) in verband met wijzigingen in de naam, taak, samenstelling en werkwijze van de in die wetten geregelde bestuursorganen, alsmede wijziging van andere wetten in verband daarmee, Stb. 1999, 185
Iwtr. voor wat betreft de Ziekenfondsraad: 1 juli 1999, op grond van het Besluit van 1 juni 1999, Stb. 1999, 240.
Iwtr. overig: Besluit van 11 juni 2001 tot vaststelling van het tijdstip van inwerkingtreding van enige bepalingen van de Wet van 27 maart 1999 tot wijziging van de Ziekenfondswet, de Wet tarieven gezondheidszorg en de Wet ziekenhuisvoorzieningen in verband met wijzigingen in de taak, samenstelling en werkwijze van de in die wetten geregelde bestuursorganen, alsmede wijziging van andere wetten in verband daarmee (uitvoeringsorganen volksgezondheid) (Stb. 1999, 185),Deze wet strekt tot aanpassing van de taak, de samenstelling en de werkwijze van de Ziekenfondsraad (ZFR), het Centraal orgaan tarieven gezondheidszorg (COTG), het College voor ziekenhuisvoorzieningen (CvZ) en de Commissie sanering ziekenhuisvoorzieningen (CSZ). Centraal staan de wijziging van de samenstelling van deze organen, de (nieuwe) regeling van taken en werkwijze alsmede het aanpassen van de regelgeving aan de Aanwijzingen voor de regelgeving (Ar) op het onderdeel zelfstandige bestuursorganen.
Deze wet is –wat betreft de Ziekenfondsraad- in werking getreden op 1 juli 1999 op grond van het daartoe strekkende Besluit van 1 juni 1999 (Stb. 1999, 240).
Zowel het takenpakket als de samenstelling van de Ziekenfondsraad hebben daarmee verandering ondergaan. De naam is gewijzigd in College voor zorgverzekeringen.
Met ingang van 1 juli 1999 heeft dit college een nieuwe taak gekregen, te weten het toelaten van instellingen in het kader van de Ziekenfondswet (ZFW) en de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten (AWBZ). In verband hiermee zijn m.i.v. 1 juli jl. de ZFW en AWBZ gewijzigd.
Ten behoeve van het toelaten van instellingen door het College voor zorgverzekeringen is in de ZFW artikel 8a, derde lid, gewijzigd. Deze wijziging strekt ertoe vast te leggen dat de toelating van instellingen voortaan door het College voor zorgverzekeringen geschiedt en niet meer door de minister. Ook is daarvoor artikel 8, derde lid, van de AWBZ gewijzigd.
Voorts is een overgangsregeling getroffen met betrekking tot de toelating van instellingen. Met deze regeling wordt bewerkstelligd dat door de minister afgegeven toelatingen gelden als afgegeven door het CVZ en dat aanvragen voor toelating, gedaan bij de minister, gelden als gedaan bij het CVZ. Aldus wordt voorkomen dat nieuwe aanvragen zouden moeten worden gedaan en nieuwe toelatingen zouden moeten worden afgegeven. Ten aanzien van rechtsgedingen die zijn ingesteld door of tegen de minister is eveneens geregeld dat deze worden voortgezet door of tegen het CVZ.
De wetswijzigingen ten aanzien van het COTG, het CvZ en de CSZ zijn op 1 januari 2000 in werking getreden op grond van het daartoe strekkende Besluit van 3 november 1999 (Stb.1999, 185).
Top |
Terug naar: Wetgeving. | Latest update: 28 oktober 2006. |