Wet van
17 december 2003 tot wijziging van diverse wetten op het terrein van VWS,
teneinde enkele wetstechnische gebreken te herstellen of andere wijzigingen van
ondergeschikte aard aan te brengen (Technische aanpassingen van VWS-wetgeving
2003), Stb. 2003, 32.
De Wet
geneesmiddelenprijzen
Deze wet strekt ertoe de minister van Volksgezondheid, welzijn en
Sport de bevoegdheid te verlenen een maximumprijs vast te stellen voor
geneesmiddelen waarvan de prijs hoger is dan de gemiddelde prijs van dezelfde
en vergelijkbare geneesmiddelen in andere lidstaten van de Europese Unie (EU).
Uitgangspunten van het regeringsbeleid
Het belangrijkste uitgangspunt van het beleid op het terrein van de
volksgezondheid is het op niveau houden en waar mogelijk verbeteren van de
gezondheidstoestand van de Nederlandse bevolking. Daarom bestaat er, naast
regulering van aanbod van gezondheidszorgvoorzieningen, een systeem van
regulering ten aanzien van ziektekostenverzekeringen. Enerzijds dient iedereen
die op zorg is aangewezen, toegang te hebben tot noodzakelijke zorg, anderzijds
dienen de kosten van de zorg zich binnen bepaalde kaders te bewegen. Omdat de
kosten van de gezondheidszorg voor een groot deel collectief worden
gefinancierd en daardoor onderdeel uitmaken van de collectieve lasten, heeft de
overheid een belangrijke rol in de beheersing van de kosten van de
gezondheidszorg; het gaat immers om de allocatie van schaarse financiële
middelen, die grotendeels via premiegelden worden opgebracht. In de
gezondheidszorg is daarom in de meeste sectoren sprake van een beheersing van
prijzen en tarieven. De prijzen van de geneesmiddelen als onderdeel van de
farmaceutische hulp werden tot nu toe niet beheerst. Nederland onderscheidde
zich hierin van vele andere landen, waaronder vrijwel alle lidstaten van de EU.
Men gaat er aldaar van uit dat prijsregulering voor geneesmiddelen niet gemist
kan worden om de kosten voor de gezondheidszorg te beheersen.
Voor de vaststelling van maximumprijzen worden in het wetsvoorstel de
prijzen van alle op generiek niveau vergelijkbare geneesmiddelen in aanmerking
genomen. Indien het gaat om een farmaceutisch specialité waarvan de
octrooitermijn nog niet is verlopen dan wel het registratiedossier op grond van
het bepaalde in richtlijn nr. 65/65/EEG van de Raad van 26 januari 1965
betreffende de aanpassing van de wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen
inzake farmaceutische specialiteiten (Pb EG, nr. 22) nog is gesloten, zodat er
nog geen generieke geneesmiddelen behoudens met toestemming van de
oorspronkelijke registratiehouder op de markt zijn, vindt automatisch slechts
vergelijking van de prijs van dat specialité met de prijzen van
datzelfde specialité in de andere landen plaats.
De wet is van toepassing op die geneesmiddelen waarvan de overheid meent
dat ze voor iedereen beschikbaar moeten zijn. Zij zal dus de geneesmiddelen
betreffen waarop de sociale ziektekostenverzekering aanspraken verleent. De
beperking tot geneesmiddelen die voor eenieder beschikbaar dienen te zijn, zal
over het algemeen de drogisterijartikelen uitsluiten van de groep
geneesmiddelen waarvoor een maximumprijs wordt vastgesteld.
Hoewel dit niet expliciet in de wet is neergelegd, volgt uit de wettelijke
doelstelling, neergelegd in de considerans, en uit de systematiek van de wet
dat slechts maximumprijzen worden vastgesteld voor geneesmiddelen waarvan de
prijs hoger is dan het ingevolge artikel 2 berekende gemiddelde van de prijzen
voor vergelijkbare geneesmiddelen uit de ons omringende landen. Dat betekent
dat geen maximumprijs wordt vastgesteld voor geneesmiddelen die goedkoper zijn
dan het vastgestelde gemiddelde. Een ingreep in die gevallen is immers niet
noodzakelijk.
In de regeling is een en ander aldus uitgewerkt dat de prijzen voor
geneesmiddelen, zoals die in rekening worden gebracht aan personen die bevoegd
zijn tot het afleveren van geneesmiddelen aan het publiek, kunnen worden
gemaximeerd op een niveau dat is gebaseerd op het rekenkundig gemiddelde van de
prijzen zoals deze gelden in België, de Bondsrepubliek Duitsland, Frankrijk
en het Verenigd Koninkrijk. De gekozen landen zijn qua prevalentie van ziekten
en aandoeningen en niveau van gezondheidszorg goed met Nederland te
vergelijken.
De berekening van de maximumprijzen wordt gebaseerd op de prijzen van
geneesmiddelen zoals deze voorkomen op algemeen aanvaarde prijslijsten in de
referentielanden.
Het aan een apotheekhoudende of drogist in rekening brengen van een hogere
prijs dan de vastgestelde maximumprijs is in deze wet verboden. Dit verbod,
gesanctioneerd met een administratieve boete, vormt het logische sluitstuk op
de vaststelling van maximumprijzen. De wet voorziet voorts in een
administratieplicht voor degenen die geneesmiddelen leveren aan
apotheekhoudenden en drogisten. De administratie dient per transactie aan te
geven aan wie en tegen welke prijs geneesmiddelen zijn verkocht.