Regelgeving Kwaliteitswet zorginstellingen
Regelgeving op grond van de Kwaliteitswet zorginstellingen



Besluit van 11 december 1996, houdende uitvoering van artikel 1, tweede lid, van de Kwaliteitswet zorginstellingen en wijziging van enige besluiten op grond van de Ziekenfondswet en de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten,
Stb. 1996, 639;

Iwtr.:
Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin het wordt geplaatst, met uitzondering van artikel 5, dat in werking treedt op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip (Artikel 7).
Artikel 5 van het koninklijk besluit van 11 december 1996, houdende uitvoering van artikel 1, tweede lid, van de Kwaliteitswet zorginstellingen en wijziging van enige besluiten op grond van de Ziekenfondswet en de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten (Stb. 639) treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin dit besluit wordt geplaatst (Besluit van 22 mei 1997 tot vaststelling van het tijdstip van inwerkingtreding van het koninklijk besluit van 11 december 1996, houdende uitvoering van artikel 1, tweede lid, van de Kwaliteitswet zorginstellingen en wijziging van enige besluiten op grond van de Ziekenfondswet en de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten (Stb. 639), Stb. 1997, 221).


Gewijzigd bij:


Top


Besluit van 10 december 2002, houdende wijziging van het uitvoeringsbesluit ex artikel 1, tweede lid, van de Kwaliteitswet zorginstellingen, Stb. 2002, 629;

Iwtr.: op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip (Artikel II).


En bij:


Besluit van 24 januari 2005 tot wijziging van het Besluit houdende uitvoering van artikel 1 van de Kwaliteitswet zorginstellingen, Stb. 2005, 63;

Iwtr.: de dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin het wordt geplaatst (Artikel II).


Top


Intrekking regelingen i.v.m. Kwaliteitswet zorginstellingen
Regeling tot intrekking van regelingen in verband met de Kwaliteitswet zorginstellingen en tot wijziging van het Uitvoeringsbesluit vergoedingen particulier verzekerden in verband met de invoering van een algemeen eigen risico in het standaardpakket, 20 februari 1997/nr. VPZ/VU-97621;

"Toelichting
In verband met de inwerkingtreding van de Kwaliteitswet zorginstellingen per 1 april 1996 zijn met de Regeling van de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport van 14 oktober 1996, nr. 961959, tot wijziging van een aantal aantal besluiten in verband met de Kwaliteitswet zorginstellingen (Stcrt. 100) een aantal ministeriële regelingen die erkenningsnormen bevatten, met terugwerkende kracht tot en met genoemde datum ingetrokken.
Nadien is geconstateerd dat er nog twee regelingen met erkenningsnormen bestonden. Met de onderhavige regeling zijn ook deze regelingen met terugwerkende kracht tot en met 1 april 1996 ingetrokken.
Artikel 14 van het Uitvoeringsbesluit vergoedingen particulier verzekerden gaf uitvoering aan artikel 19 van het Vergoedingenbesluit particulier verzekerden.
Artikel 19 is in verband met de invoering van het algemene eigen risico in het vergoedingenpakket ingevolge de Wet op de toegang tot ziektekostenverzekeringen met ingang van 1 januari 1997 komen te vervallen. Daarom is met deze regeling ook artikel 14 met terugwerkende kracht tot en met 1 januari 1997 komen te vervallen."

Bron: Staatscourant 1997, nr. 42 / pag. 10.


Top


Besluit van 23 december 2004, houdende uitvoering van artikel 6, eerste lid, van de Kwaliteitswet zorginstellingen
(Besluit kwaliteitseisen ziekenhuisbloedbanken),
Stb. 2005, 33;

Iwtr.: 8 februari 2005 (Artikel 9).

Toelichting
"De in de aanhef van dit besluit genoemde EU-richtlijn stelt in eerste instantie kwaliteits- en veiligheidsvoorschriften die moeten worden nageleefd door "bloedinstellingen", structuren of instanties die verantwoordelijk zijn voor één of meer aspecten van het inzamelen en testen van bloed of bloedbestanddelen van menselijke oorsprong, ongeacht het beoogde gebruik, en voor het bewerken, opslaan en distribueren ervan, indien zij voor transfusie bestemd zijn. Om de volksgezondheid te beschermen en de overdracht van infectieziekten te voorkomen moeten bij het inzamelen, bewerken, distribueren en gebruiken van bloed-(bestanddelen) allerlei voorzorgsmaatregelen genomen worden. Deze voorzorgsmaatregelen op het gebied van het opsporen, inactiveren en elimineren van via transfusie overdraagbare ziekteverwekkers dienen naar de stand van de wetenschap toegepast te worden. Door het stellen van uniforme eisen voor het inzamelen en testen van bloed ontstaat er een waarborg dat er, ongeacht het beoogde gebruik, een in alle lidstaten gelijkwaardig veiligheids- en kwaliteitsniveau voor bloed(bestanddelen) geldt. Ziekenhuisbloedbanken vallen niet onder de definitie van bloedinstelling, aldus artikel 3, onder e en f, van de richtlijn. In Nederland is slechts één bloedinstelling werkzaam, namelijk de Bloedvoorzieningsorganisatie (Sanquin), waarvan de organisatie en werkzaamheden zijn geregeld in de Wet inzake bloedvoorziening. Implementatie van de richtlijn vindt dan ook in eerste instantie plaats in het kader van die wet.

In artikel 6 van de richtlijn worden wel enkele bepalingen op ziekenhuisbloedbanken van toepassing verklaard. Aangezien die bepalingen betrekking hebben op de kwaliteit van de zorgverlening in ziekenhuizen, voor zover het daarbij gaat om handelingen met bloed en bloedbestanddelen, ligt implementatie ervan in het kader van de Kwaliteitswet zorginstellingen voor de hand. Artikel 6 van die wet geeft de mogelijkheid bij algemene maatregel van bestuur regels te stellen met betrekking tot de organisatie en kwaliteitsbewaking van zorginstellingen. Hoewel het artikel oorspronkelijk bedoeld was als vangnet voor die gevallen waarin invulling van de globale normen van de wet onvoldoende plaatsvindt, en ik ervan uitga dat de zorgaanbieders ook zonder de in dit besluit opgenomen eisen de EU-richtlijn als kenbron zouden hanteren voor die invulling, eist een zorgvuldige implementatie toch een uitdrukkelijke vastlegging van de desbetreffende eisen. Dit besluit strekt daartoe.

Uit artikel 1, eerste lid, blijkt dat het in dit besluit gaat om regels met betrekking tot de uitvoering van de artikelen 3 en 4 van de Kwaliteitswet. Het niet naleven van de regels betekent schending van die artikelen; handhaving vindt dus plaats op de voet van artikel 7 (aanwijzing van de minister).

Voor wat betreft de gevolgen voor de administratieve lasten van de betrokken partijen, een honderdtal ziekenhuisbloedbanken, is van belang te melden dat de Richtlijn 1 op 1 is geïmplementeerd en dat veel van de administratieve lasten slechts nadere specificaties zijn van bestaande regelgeving. De ziekenhuisbloedbanken voeren veel van die administratieve lasten dan ook al uit.
Slechts enkele administratieve lasten zijn nieuw zoals de verlenging van de bewaartermijn van 10 naar 30 jaar en het verzamelen van gegevens genoemd in artikel 6 van het besluit. Per jaar zullen voornoemde kosten voor de ziekenhuisbloedbanken in totaal niet meer bedragen dan 65.000 Euro. Voorts is van groot belang dat de veldpartijen bij de implementatie van de richtlijn betrokken zijn geweest en daarmee tijdig op de hoogte gesteld van eventuele nieuwe administratieve lasten. Het ontwerp van dit besluit is voorgelegd aan het Adviescollege toetsing administratieve lasten."

Bron, NvT, Stb 2005 33.


Top
Terug naar: Regelgeving.
Latest update: 28 oktober 2006.
Home